De pedagogische tik: wat leert je kind er eigenlijk van?

Fotografie door Monkey Business.

Monkey Business

De nieuwste artikelen rechtstreeks in je inbox?

De pedagogische tik: wat leert je kind er eigenlijk van?

De pedagogische tik (ook wel “tik op de billen” genoemd) valt tegenwoordig voor de wet onder lichamelijk straffen en is daarin strafbaar. Dit weerhoudt sommige mensen er echter niet van om dit aan te raden bij ouders met “misdragende” kinderen.

Op 12 juni jl. is een opiniestuk gepubliceerd op Arts in Spe met als titel “Pedagogische tik niet per se slecht” 1. In dit stuk wordt – zoals de titel al doet vermoeden – aangehaald dat de zogeheten pedagogische tik niet echt slecht zou zijn.

Als eerste zal ik noemen wat het Burgerlijk Wetboek, artikel 247, lid2 2 hierover zegt:

Onder verzorging en opvoeding worden mede verstaan de zorg en de verantwoordelijkheid voor het geestelijk en lichamelijk welzijn en de veiligheid van het kind alsmede het bevorderen van de ontwikkeling van zijn persoonlijkheid. In de verzorging en opvoeding van het kind passen de ouders geen geestelijk of lichamelijk geweld of enige andere vernederende behandeling toe.

De strekking van het opiniestuk is dat opvoeden gelijk staat aan het conditioneren (africhten) van je kind. En dat ouders niet onzeker gemaakt zouden moeten worden door te zeggen dat de “pedagogische tik” schadelijk is voor het kind. Waarmee ook weer het belang van de ouder voorop gesteld wordt.

Een vergelijking waar ik erg door verrast werd was het volgende:

Zoals een pedagogisch verheffen van de stem kan overgaan in schreeuwen en schelden en een time-out in eenzame opsluiting, kan een pedagogische tik overgaan in het toedienen van letsel. Dit suggereert dat er een hellend vlak bestaat waarbij een lichte vorm geleidelijk overgaat in een zware, maar dat is niet juist. Er is altijd een duidelijke cesuur tussen de pedagogische tik en mishandelend straffen. Zo is er ook een duidelijke cesuur tussen knuffelen en incest. Niemand zal uit angst voor incest ouders verbieden hun kind te knuffelen, terwijl ook daar net zo goed risicofactoren voor bestaan.

Volgens dit stuk staat de pedagogische tik tegenover mishandeling als knuffelen tegenover incest staat. Waarmee de pedagogische tik dus wordt vergeleken met knuffelen.

Er worden een paar heel belangrijke dingen vergeten in deze vergelijking:

  1. Een knuffel komt bij de ontvanger over als een liefkozing, een liefdevol gebaar. Een tik tegen de billen (of welk ander lichaamsdeel ook) komt over als het tegenovergestelde.
  2. Door te straffen met een pedagogische tik wordt de drempel om weer een tik uit te delen steeds kleiner, zeker als de ouder het gevoel krijgt dat dit “het enige is dat werkt”, waardoor die ouder steeds dichterbij zware lichamelijke mishandeling komt. Met knuffelen werkt dat niet zo. Hoe vaker je knuffelt, hoe sterker de band voelt voor beide partijen, incest is daar geen logisch gevolg van.

Waar zou de pedagogische tik aan moeten voldoen?

De omschrijving van een pedagogische tik, volgens het genoemde opiniestuk:

  1. Veroorzaakt weinig pijn;
  2. Is gecontroleerd, niet impulsief en niet uit boosheid;
  3. Wordt alleen gebruikt bij kinderen van 2 tot 6 jaar en daarna niet meer;
  4. Wordt altijd gevolgd door uitleg waarom;
  5. Vindt alleen plaats in de privérelatie tussen ouder en kind;
  6. Is alleen gemotiveerd door kindgerichte zorg en niet door oudergerichte zorg;
  7. Wordt gebruikt na een waarschuwing, om een opdracht of time-out te bekrachtigen;
  8. Wordt niet geïntensiveerd als het niet werkt.

Vooral #6 vind ik erg verrassend in dit lijstje:

Is alleen gemotiveerd door kindgerichte zorg en niet door oudergerichte zorg

Het conditioneren (waar de pedagogische tik onder valt) is puur oudergerichte zorg, het gaat om het kind zover te krijgen dat deze de bevelen van de ouder opvolgt. Dat is alleszins géén kindgerichte zorg, dat is gehoorzaamheidstraining. Puur gebaseerd op de wil van de ouder. Oudergericht dus.

Lichamelijke of mentale pijn?

Volgens het lijstje mag de pedagogische tik “weinig pijn” veroorzaken. Maar wíe beoordeelt of de tik “weinig” pijn doet? Geldt mentale pijn ook, of gaat het alleen om lichamelijke pijn?

Hoewel een “zachte tik” op de billen, vingers, of welk ander lichaamsdeel dan ook wellicht niet veel pijn doet: de mentale pijn is zeer zeker ook aanwezig. En daar gaan ze in dit opiniestuk naar mijn mening totaal aan voorbij.

In het stuk Trauma en de relatie tot laten huilen (CIO) heb je kunnen lezen over trauma en epigenetica. Alles wat daarin genoemd wordt is ook toepasbaar op de pedagogische tik.

Ben jij klaar om vanuit win-verlies situaties, te kijken hoe je win-win situaties kunt creëren? Om situaties met ongewenst gedrag om te draaien naar bandversterkende ervaringen? Dan is deze e-cursus iets voor jou!

Weg met de machtsstrijd!

Wat leert een kind er nou van?

So, you just hit me because I hit my sister to teach me that it's not okay to hit people? Superb logic. Kort gezegd leert het kind het volgende: je mag een ander pijn doen als ze iets doen wat jij niet wil/goed vind. Een belangrijke verwarring voor kinderen hierin is dat zodra zij deze geleerde les in de praktijk brengen ze wederom gestraft worden. Omdat het dan ineens níet aanvaardbaar is.

Daarnaast is het een moeilijke les om te leren dat je ouders je fysiek en mentaal pijn kunnen doen. Het voelt al vervelend als dit uit onmacht gebeurt, maar zoals je bij de 8 punten waaraan een pedagogische tik zou moeten voldoen kunt lezen: de pedagogische tik wordt niet uit onmacht gegeven.

Als klein kind krijg je dus een geheel doordachte tik van je ouders. Een tik die voor oudere kinderen/volwassenen als vernederend gezien zou worden, maar voor kinderen tussen 2-6 jaar ineens wel aanvaardbaar is.

Zou jij zo’n tik willen?

Volgens het opiniestuk is de pedagogische tik goed inzetbaar bij kinderen tussen de 2 en 6 jaar oud. Je kunt je vast wel situaties bedenken van toen jij in die leeftijdscategorie zat, waarna je straf kreeg/verwachtte. Zo niet? Dan heb ik er wel een voor je:

Het was volgens mij m’n derde verjaardag, of vlak erna. Ik had een prachtige jongenspop gekregen: Pukje. Mijn moeder had me gezegd dat ik de pop niet mee naar buiten mocht nemen, maar ik wou ‘m zooo graag laten zien en er buiten mee spelen dat ik dat toch stiekem deed.

Bij de speeltuin kwamen een stel oudere jongens en die pakten Pukje van me af. Ze sloegen ‘m kapot tegen het klimrek en gooiden de verschillende onderdelen van de pop bij verschillende mensen in de tuin.

Dat was het laatste dat ik ooit van die pop heb gezien.

Als we de “regels” van het opiniestuk zouden volgen dan zou ik voor straf in de hoek/naar m’n kamer moeten en een “tik op de billen” moeten krijgen. Kun je je voorstellen hoe je je dan zou voelen? Mijn hart was sowieso gebroken omdat m’n nieuwe pop was afgepakt, kapot én kwijt gemaakt. Denk je dat een pedagogische tik (of willekeurig welke straf) hierin echt nodig was om mij een “lesje te leren”? Zou die tik echt de reden moeten zijn waarom je in het vervolg minder snel nieuw en/of geliefd speelgoed mee naar buiten neemt?

Als we de leeftijd van 2-6 jaar buiten beschouwing laten, zou het dan nog steeds zo aanvaardbaar zijn?

  • Je bent vergeten het dopje van de tandpasta weer terug te plaatsen, ondanks de vele opmerkingen daarover van je partner. Je krijgt een “tik op de billen” van je partner zodat je het de volgende keer wel doet.
  • Je bent een belangrijke vergadering vergeten op je werk, ondanks dat deze door de secretaresse aan je digitale agenda was toegevoegd. Je baas geeft je een tik op je vingers zodat je een volgende keer niet weer de vergadering vergeet.
  • Je had met je ouders afgesproken daar om 10:00u te zijn, maar je had totaal de tijd niet in de gaten en bent daardoor een uur later daar. Je ouders geven je een tik zodat je beter op de klok let in het vervolg.

Zoals in de punten staat zou je ná de tik uitleg moeten krijgen. Niet ervoor. Het kan dus maar zo zijn dat je een tik krijgt zonder eerst ook maar een idee te hebben waar het over gaat.

  • In het eerste voorbeeld weet je bij het krijgen van de tik waarschijnlijk niet eens waar het over gaat. Ná de tik krijg je te horen dat die tik was voor het weer vergeten van het tandpasta dopje. Hoe zou jij je voelen over je partner? Zou je het dopje er nu op doen omdat je daarmee je partner een plezier doet, of omdat je bang bent voor nog een tik?
  • In het tweede voorbeeld voel je je waarschijnlijk al beschaamd omdat je die belangrijke vergadering vergeten bent. Bovenop die schaamte krijg je de schaamte voor de tik. Je hebt wat fout gedaan en daar wordt met zo’n tik nog even goed de nadruk op gelegd. Zou jij je nog lekker voelen op je werk? Je vrij voelen jouw werkzaamheden uit te voeren?
  • In het laatste voorbeeld voel je je waarschijnlijk ook wat beschaamd. Een tik voor het te laat komen zal ook hier dat gevoel alleen vergroten. En ook hier geldt: zou je je best doen om op tijd te komen omdat je graag je beloftes / afspraken nakomt, of omdat je bang bent anders een tik te krijgen?

Wat het geven van een tik (en straf in het algemeen) vooral aan de ontvangende persoon geeft is zelfmedelijden. Of die persoon zich al belabberd voelde over de situatie of niet: het krijgen van straf laat de ontvanger vooral nadenken over hoe zielig hij/zij is dat hij/zij deze straf heeft gekregen. Dat de ander blijkbaar niet om hem/haar geeft, want iemand waar je om geeft doe je toch niet expres pijn?

Daarnaast maakt het de persoon beetje bij beetje meer egoïstisch. In plaats van de gevoelens van anderen mee te laten wegen in acties wordt er vooral gedacht vanuit het “zou ik straf krijgen als ik dit doe?”.

Net als met (gecontroleerd) laten huilen is het niet zeker dat iemand er op korte of lange termijn trauma aan overhoudt. Maar willen we echt het lot tarten? Het risico nemen dat onze kinderen hier níet “gewoon overheen groeien”?

Gonneke van Eurolac zegt het treffend in haar stuk 3 hierover:

Ouders die hun kinderen slaan, slaan ook, indirect, hun kleinkinderen. Waarschijnlijk zijn zij ook kinderen die geslagen werden, want dit gaat over van generatie op generatie. Tot iemand de draad verbreekt.

Andere links


Notes:

  1. Pedagogische tik niet per se slecht” Opiniestuk door dr. Rob Bakker, kinderarts niet-praktiserend, voorheen vertrouwensarts en dr. Anneke Bulk-Bunschoten, arts M&G niet-praktiserend. Onder andere in Arts in spe, juni 2014
  2. Burgerlijk Wetboek, boek 1, artikel 247
  3. Tik

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Reacties worden gemodereerd, het kan dus even duren voor jouw reactie echt geplaatst is.
Zou je dat wat je in je reactie wilt plaatsen niet zeggen tegen iemand die je na staat? Dan is het hier ook niet gepast.

*


Loslaten is de hoop opgeven op een beter verleden.

Kees van Zijtveld