Trauma en de relatie tot laten huilen (CIO)

Fotografie door wildcat78.

wildcat78

Op de hoogte blijven van alles rondom Liefdevol Opgroeien?

Trauma en de relatie tot laten huilen (CIO)

Dit artikel is een vertaling van het origineel The thing about trauma (and its relationship to CIO) van Evolutionary Parenting.

Stel je voor: twee mensen zijn slachtoffer van een frontale botsing met een andere auto. Behalve behoorlijk geschrokken te zijn lijken ze niks te hebben. Ze hebben beide een traumatische ervaring achter de rug, maar slechts een van hen zal maanden de tijd nodig hebben om er weer bovenop te komen. Stel je nu twee vrouwen voor die eenzelfde bevalling beleven, ingeleid worden, complicaties om uiteindelijk in een spoedkeizersnede te eindigen. Ook dit is voor beide een traumatische ervaring, maar de kans is groot dat “slechts” een van de twee hier langdurige schade (lichamelijk of psychisch) aan overhoudt.

Dit kun je voor elke traumatische gebeurtenis in iemands leven doen en ja, we maken heel wat traumatische dingen mee in ons leven: overlijden, scheiding, pijn, medische problemen, ongelukken, letsel… het zijn allemaal traumatische gebeurtenissen voor ons. Gelukkig voor ons is de mens over het algemeen veerkrachtig en we “lijden” niet altijd langdurig door deze gebeurtenissen, ze zijn echter wel traumatisch. Het probleem is dat we soms wél langdurig lijden en we kunnen niet voorspellen wanneer en bij wie dat gebeurt. We kunnen geïnformeerde voorspellingen doen en sommige mensen hebben een grotere kans om iets als een post-traumatisch stress syndroom (PTSS) te ontwikkelen na zo’n gebeurtenis, of ze worden simpelweg zo geraakt dat ze er compleet door veranderen, maar we weten het niet. Zelfs de mensen die niet langdurig “lijden” door zo’n gebeurtenis kunnen er wel door gevormd raken: ze veranderen de manier waarop ze de wereld zien (verbeterd, verslechterd of simpelweg veranderd) en het kan zelfs de manier waarop ons DNA zich uit veranderen. Het vakgebied van de Epigenetica (Wikipedia) laat ons zien dat onze omgeving meer zegt over wie we worden dan voorheen gedacht en dat gebeurtenissen fysieke veranderingen kunnen veroorzaken in hoe ons DNA zich uit, iets waarvan we dachten dat dit onveranderbaar was 1.

Dit brengt me op laten huilen (in het Engels ook wel crying-it-out of CIO, bedoeld wordt: het laten huilen van een kind zonder te troosten/geruststellen, ook wel slaaptraining genoemd). Of meer, het idee dat laten huilen nog steeds gepromoot zou moeten worden gebaseerd op basis van wat we weten over trauma.

Is laten huilen traumatisch voor een kind? Ja. Een ieder die je wat anders zegt, is onwetend (opzettelijk of niet) of liegt. Ik zeg dit terwijl ik me ervan bewust ben dat als je dit in de praktijk hebt gebracht je dit wellicht tot je laatste dag zal willen verdedigen, maar een zuigeling die alleen wordt gelaten om te schreeuwen/huilen – zonder dat hier troostend/geruststellend op wordt gereageerd – ondergaat trauma. Ik heb het niet over voorzichtig je kindje in een eigen bedje / op een eigen kamertje krijgen, of zelfs proberen je kleintje te leren tot rust te komen (wat niet hetzelfde is als zichzelf te laten kalmeren) door middel van een “transitional object” (knuffel, doekje etc.) of ze nog net wakker in bed leggen als deze dingen werken voor jouw kind. Ik heb het over laten huilen (CIO), of gecontroleerd laten huilen (controlled crying of CC in het Engels) dat leidt tot een zuigeling die huilt om zijn ouders voor langere tijd achter elkaar (wanneer ouders gecontroleerd huilen toepassen en de periodes van het laten huilen verlengen kunnen ze in algeheel laten huilen terecht komen – cry it out of CIO in het Engels).

Babies en kleine kinderen bezitten de cognitieve capaciteiten nog niet om te kunnen begrijpen dat jij wil dat ze slapen (en alleen slapen). De liefde en zorg die ze (hopelijk) gewend zijn te krijgen gedurende de dag (en voorheen in de nacht) zijn ineens weg. Krakende geluiden, mogelijke pijn, de angst voor het weg zijn van hun verzorger, ze zijn allemaal heel erg echt en aanwezig voor deze kinderen, alleen hebben ze nu niemand die ze helpt de gevoelens hierover te reguleren waardoor ze er simpelweg niet mee kunnen omgaan. Ja, wij reguleren (of helpen reguleren in het geval van oudere kinderen) onze kinderen op emotioneel en psychologisch vlak voor minstens twee jaar 2. Het proces waarin onze kinderen leren om hun emoties te reguleren start met het simpelweg dicht bij ons te zijn en de manier waarop wij hen reguleren via de synchroniciteit die bestaat tussen goed gehechte dyads 3 4 5.

Als je me nog steeds niet gelooft: we weten ook dat het laten huilen (CIO) resulteert in de toename van cortisol dat voor ten minste de korte termijn aanwezig blijft nadat het huilen in de nacht is opgehouden 6; Dat geeft ons een lichamelijke meting voor deze nood. Ik zeg ‘tenminste de korte termijn’ omdat de effecten voor de langere termijn nog niet zijn onderzocht. Natuurlijk verwachten we dat het niveau omlaag gaat zodra het kind went aan het alleen zijn ‘s nachts, maar hoe lang het duurt per kind is onbekend; resultaten zouden veel kunnen zeggen over de kansen voor negatieve effecten op de langere termijn. (Als je de hype gelooft dat er veel studies zijn die geen negatieve effecten op de langere termijn aangeven voor het laten huilen (CIO), lees dan alsjeblieft dit).

Nu, ervan uitgaande dat we weten dat het laten huilen (CIO) traumatisch is voor een kind, ook al zou dit alleen op de korte termijn zijn, zouden we het moeten promoten? Veel mensen spreken van de veerkracht van kinderen en gaan ervan uit dat, omdat kinderen veerkrachtig zijn, ze deze vroege trauma’s kunnen overwinnen en omdat het “voordeel” van laten huilen (CIO) beter is voor de slaap van de ouders, het “het waard wordt”. Ook al is de veerkracht over het algemeen waar, ik heb moeite met deze manier van denken wanneer het komt op laten huilen (CIO). Allereerst, ook al zouden onze kinderen terugveren, deze ervaringen vormen de manier waarop ze de wereld zien. Zoals epigenetica ons laat zien, kunnen daden die niet traumatisch zijn – zoals een moederrat die haar kind minder verzorgt – een langdurig effect hebben dat over kan gaan naar volgende generaties als dit niet “overwonnen” wordt. Dit lijkt de reden te zijn waarom de mensen in het gebied van epigenetica zich realiseren dat het enorm belangrijk is hoe we onze kinderen behandelen in de vroege jaren, terwijl het brein zich in een verbazingwekkend tempo ontwikkelt 7.

Als je terugdenkt aan de mensen in het auto-ongeluk: zelfs de persoon die geen trauma voor de lange termijn oploopt zal waarschijnlijk het autorijden anders bekijken. Vaak schatten mensen die een auto-ongeluk hebben meegemaakt het risico van autorijden hoger in of ze voelen zich een klein beetje bezorgder als ze over autorijden nadenken. Dit zijn geen levensveranderende gedachten of gebeurtenissen, ze kunnen ook de rest van hun leven ongezien blijven, maar de verschuiving heeft plaatsgevonden. Het kan een epigenetische verandering zijn en het kan ook een cognitieve verandering zijn, maar het is een verandering. Ik kan simpelweg geen reden bedenken waarom zo’n verandering niet gebeurt in alle kinderen die (gecontroleerd) laten huilen ervaren. Op een basisniveau, hoe kunnen ze niet ineens denken dat er tijden zijn dat de mensen die van je houden er niet voor je zijn? Ze kunnen volledig beseffen dat ze er wel zijn gedurende de dag, maar zodra de lichten uitgaan ben je alleen. Sommige mensen zien hier niks mis aan, die vinden dat een goede les. Okee… maar waarom? Waarom zou een kind het leven moeten beginnen met deze gedachtengang of zelfs een fysieke verandering in de expressie van het DNA?

We moeten ook rekening houden met de keren dat dit zelfs nog verder gaat; als voorbeeld, een liefhebbende, zorgzame moeder vertelde mij ooit dat zij bij haar kleuter slaaptraining had gebruikt en ze verder volkomen responsief bleef om op een ochtend haar kind te vinden die ‘s nachts had overgegeven maar nooit was gekomen om hulp te halen. Velen zullen aannemen dat deze ouders ook non-responsief waren op andere tijden, maar nee, dit is gewoon de manier waarop sommige kinderen de acties naar hen toe interpreteren. Voor dit kind was het alleen gelaten worden om te huilen een boodschap dat het ‘s nachts geen hulp moest zoeken. Zullen alle kinderen dit zo voelen? Nee, niet allemaal. Maar sommige wel…

Ik zal hier een persoonlijk verhaal delen. Mijn moeder was erg responsief, maar op een dag toen ik zes was vroeg een vriendinnetje van verderop in de straat of ik daar bleef eten en ik ging mee. Zij had het haar oppas (die kookte) niet verteld dus ik werd naar huis gestuurd. In mijn hoofd betekende dit dat mijn ouders geen avondeten voor mij zouden hebben dus ik bleef buiten zitten, starend naar het raam, zien hoe zij aten, te wachten tot ze klaar waren met eten zodat ik naar binnen kon komen en zeggen dat ik had gegeten, ook al had ik dat niet gedaan. Op een gegeven moment zag mijn moeder mijn hoofd bij het raam en mijn vader kwam naar buiten om me op te halen. Toen ik binnenkwam legde ik uit dat ik dacht dat zij geen eten voor mij zouden hebben. Ze waren behoorlijk geschrokken en zeiden gelijk dat ze altijd eten voor me hadden, ook als dit betekende dat er wat gemaakt moest worden. Waarom ik me zo voelde? Geen idee. Er is vast op een gegeven moment iets gezegd over voedsel en niet extra maken voor anderen en dit was hoe ik het interpreteerde. Hebben ze me ooit eten ontnomen? Nooit. Het feit blijft dat we gewoonweg niet weten hoe kinderen onze acties en woorden interpreteren en daarom zouden we heel, heel erg voorzichtig moeten zijn met welke boodschappen we mogelijk uitzenden naar kinderen die de wereld niet begrijpen zoals wij dat doen.

Ten tweede, en mogelijk belangrijker, het begrip dat we veerkrachtig zijn gaat voorbij aan de zeer echte individuele verschillen die bestaan tussen kinderen, net als de verschillen in het individuele temperament. Niet alle kinderen zullen veerkrachtig zijn; omdat jij een veerkrachtig kind had dat geen nadelige gevolgen laat zien (en toch weer, zie punt 1 over epigenetische of cognitieve veranderen), betekent niet dat geen enkel kind deze gevolgen zou laten zien. Er zullen sommige kinderen zijn, high-needs kinderen bijvoorbeeld, die bijna altijd problemen met methoden als laten huilen (CIO) zullen hebben en ouders moeten zich daar bewust van zijn (lees hier een discussie over hoe deze kinderen reageren), maar zelfs voor de non-high-needs kinderen zullen er verschillen zijn. We weten gewoon niet wat ze zullen zijn voor ieder kind.

Hier denk ik terug aan het auto-ongelukscenario. Sommige mensen zullen een traumatische gebeurtenis ervaren en er de volgende dag overheen zijn, wellicht met een cognitieve verandering in het denken. Anderen zullen een traumatische gebeurtenis ervaren dat die verandert in acute stress (waarbij het individu post-traumatisch stress (PTS) symptomen heeft, maar binnen een maand na de gebeurtenis). Verhoogde angst, fysiologische reacties, nachtmerries en flashbacks zijn allemaal symptomen van acute stress en hoewel we ze mogelijk niet zullen herkennen in kinderen, kunnen deze ervaringen ontstaan. En natuurlijk, sommigen zullen diepgaande langdurige stress ervaren, in de vorm van PTS. Soms kan de verandering zo groot zijn dat we een beduidend verschil zien in de persoon, maar soms is het zeer situatie-specifiek. All deze veranderingen maken het moeilijk om te zeggen dat er een specifieke reactie is op de trauma van een auto-ongeluk voor ieder individu. Op dezelfde manier is het praktisch onmogelijk om te zeggen dat er een specifieke reactie is op het trauma van laten huilen (CIO) dat we kunnen verwachten bij baby’s en kinderen. Het hebben van een auto-ongeluk zien we niet als een onbelangrijke gebeurtenis; we zouden laten huilen (CIO) ook niet moeten zien als iets waar kinderen “gewoon overheen groeien”.

Er is een belangrijk punt waarvan ik hoop dat je je realiseert dat ik het nog niet genoemd heb: kinderen ervaren trauma afgezien van dingen als laten huilen (CIO) en we zien dat niet als het einde van de wereld voor ze. Als voorbeeld, mijn eigen dochter was in een vreselijk auto-ongeluk met mij, slechts een paar maanden geleden. Zie ik haar als getekend voor het leven? Nee. Dus wat is het verschil?

Ik zie twee grote verschillen. Ten eerste, wanneer onze kinderen trauma als van een auto-ongeluk, overlijden, letsel of pijn ervaren geven we ze troost en ondersteuning. We zijn niet de oorzaak van het trauma en op zijn beurt geven we ze een veilige plek om hun bezorgdheid, angsten en ieder andere negatieve emotie of fysiologische reactie te ervaren. Onze responsiviteit en troost reguleren de fysiologische reacties van onze kinderen (je kunt daar hier meer over lezen), wat betekent dat ze geen stressreactie hebben zoals bij trauma het geval is. Daarnaast helpen we onze kinderen het trauma te verwerken, zelfs als we er niet gelijk kunnen zijn om ze troost te bieden. We nemen de tijd om ze erdoor te helpen, vragen te beantwoorden, of er gewoon wat meer te zijn om er zeker van te zijn dat ze zich veilig voelen als ze ons niet met woorden kunnen vertellen hoe ze zich voelen. Ik heb nog nooit ouders gezien die het laten huilen (CIO) in de praktijk brachten en hun baby’s en kinderen helpen om te gaan met de traumatische ervaring die laten huilen (CIO) is; als ze dat zouden doen denk ik dat het er niet uit zou zien als laten huilen (CIO), maar meer als liefdevolle slaapbegeleiding.

Ten tweede, zoals ik al aangaf boven, is laten huilen (CIO) iets wat mensen verteld wordt te doen, niet iets dat gewoon gebeurt. De doelgerichtheid van laten huilen (CIO) en het feit dat het gepromoot wordt, is een belangrijk verschil. In geen enkel ander gebied zouden artsen of familie mensen aanraden om hun kind vrijwillig aan trauma bloot te stellen. Waarom? Omdat we weten dat de veerkrachtigheid die onze kinderen vaak laten zien niet iets is dat we (a) zomaar moeten testen, (b) moeten accepteren als feit voor ieder individueel kind en (c) “opgebruiken”. Wat ik bedoel met “opgebruiken” is dat we weten dat herhaaldelijke blootstelling aan stressoren en trauma langetermijneffecten via psychologische fenomenen zoals aangeleerde hulpeloosheid kan hebben 8 9

Kijkend naar dit alles kom ik terug op de hoofdvraag: Waarom promoten we laten huilen (CIO)? Waarom promoten we het om baby’s en kinderen expres bloot te stellen aan trauma – ongeacht hoe kortdurend – wanneer er veel liefdevollere manieren zijn die ouders geadviseerd kunnen en zouden moeten krijgen om eerst te proberen? Betekent dit dat geen enkele familie laten huilen (CIO) zal gebruiken? Ik zou graag ja zeggen, maar ik weet dat sommigen dit wel zullen doen en hopelijk zal het bewustzijn ten aanzien van het feit dat laten huilen (CIO) traumatisch is voor het kind, gezinnen helpen, die voelen dat ze dit moeten gebruiken, om manieren te vinden om dit trauma proberen te helpen verwerken. Meer dan dat hoop ik dat dit bewustzijn maakt dat we ons realiseren dat het promoten van iets beperkt zou moeten worden tot manieren die geen risico’s van stress, angst en veranderingen aan iemands cognities of zelfs de expressie van iemands DNA hebben zoals laten huilen (CIO) dat wel heeft. Kunnen we niet op z’n minst naar een stadium waarin laten huilen (CIO) als een laatste strohalm wordt gezien in plaats van een eerste stap?

Voor een lijst van liefdevolle slaap middelen, lees deze link en de suggesties aan het einde van dat stuk.

[NB: ik heb een post gepland over de discussie wat te doen als je slaaptraining als CIO of CC hebt toegepast. Wees niet bang – je hebt je kinderen niet verpest, maar het kost wel werk om ze te helpen begrijpen en voorbij dit trauma te komen. Deze post zal worden geüpdatet wanneer die post klaar is.]

Dit artikel is een vertaling van het origineel The thing about trauma (and its relationship to CIO) van Evolutionary Parenting.

Notes:

  1. Holliday R.  Epigenetics: a historical overview.  Epigenetics 2006; 1: 76-80.
  2. Rothbart MK, Ziaie H, & O’Boyle CG. Self-regulation and emotion in infancy. In N. Eisenberg & R.A. Fabes (Eds.) Emotion and its regulation in early development: New directions for child development, No. 55: The Jossey-Bass education series (pp. 7-23), 1992. San Francisco: Jossey-Bass Publishers.
  3. Rothbart MK, Ziaie H, & O’Boyle CG. Self-regulation and emotion in infancy. In N. Eisenberg & R.A. Fabes (Eds.) Emotion and its regulation in early development: New directions for child development, No. 55: The Jossey-Bass education series (pp. 7-23), 1992. San Francisco: Jossey-Bass Publishers.
  4. Cassidy J. Emotion regulation: Influences of attachment relationships. Monographs of the Society for Research in Child Development (1994); 59: 228-283.
  5. Frodi A, Bridges L, & Shonk S.  Maternal correlates of infant temperament ratings and of infant-mother attachment: A longitudinal study. Infant Mental Health Journal 1989; 10: 273-289.
  6. Middlemiss W, Granger DA, Goldberg WA, Nathans L. Asynchrony of mother-infant hypothalamic-pituitary-adrenal axis activity following extinction of infant crying responses induced during the transition to sleep. Early Human Development 2012; 88: 227-32.
  7. Grandma’s experiences leave a mark on your genes
  8. Seligman MEP & Maier SF. Failure to escape traumatic shock. Journal of Experimental Psychology 1967; 74: 1-9.
  9. Watson J & Ramey C. Reactions to response-contingent stimulation in early infancy.  Revision of paper presented at biennial meeting of the Society for Research in Child Development.  Santa Monica, CA, March 1969.

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Reacties worden gemodereerd, het kan dus even duren voor jouw reactie echt geplaatst is.
Zou je dat wat je in je reactie wilt plaatsen niet zeggen tegen iemand die je na staat? Dan is het hier ook niet gepast.

*

You are saying our problem is civil disobedience, but that is not our problem. Our problem is civil obedience. Our problem is the numbers of people all over the world who have obeyed the dictates of the leaders of their government and have gone to war; and millions have been killed because of this obedience. Our problem is that people are obedient all over the world, in the face of poverty and starvation and stupidity, and war and cruelty. Our problem is that people are obedient while the jails are full of petty thieves, and all the while the grand thieves are running the country. That's our problem.

Howard Zinn